Zoeken
  • chouettedebruxelle

Aflevering 1: Sint-Maartenkoeken of Mantepeirden

(Even lekker voor wie gelooft in Sinterklaas)


Voor wie op 11 november, 6 december of wanneer het hart er behoefte aan heeft, deze heerlijke zoet kruidige sandwiches wil maken. Te eten met échte boter en warme chocolademelk.



Dit is het recept dat ik gebruikte voor ik het Belgisch Bakboek van Stefan Elias in mijn bezit had. Wie liever het recept van een echte bakker gebruikt, dat boek is je vriend!


Ingrediënten (4 personen)

  • 500 gram bloem

  • 1 blokje verse gist

  • 5 eetlepels suiker + 1 eetlepel extra

  • 1 vanillepeul

  • 125 ml melk

  • 125 ml water

  • 1 ei + 1 ei extra

  • 50 gram zachte boerenboter (gebruik geen margarine jongens, dat is gewoon zonde)

  • een snufje zout

  • een theelepel kaneel


Werkwijze


  • Zorg dat de ruimte waar je werkt warm genoeg is, liefst 21 of 22 graden. Ik ben dus begonnen met alle deuren in de living dicht te doen en de thermostaat wat hoger te zetten.

  • Neem de vanillepeul ter hand en snijd ze overlangs door met een scherp mesje. Haal dan de punt van je mes langzaam door de helften en haal zo de zaadjes eruit.

  • Giet het water en de melk samen in een steelpannetje en doe er één eetlepel suiker en de vanille erbij. Zet heel even op het vuur tot de vloeistof lauw is. Haal het pannetje van het vuur en verbrokkel het blokje gist in het mengsel. Meng goed en laat een paar minuutjes staan. Roer dan opnieuw goed door tot je geen kruimeltjes gist meer ziet zitten. Zet dit gistmengsel nu even opzij.

  • Zeef de bloem en doe ze in een grote kom.

  • Doe het zout, het ei, 4 eetlepels suiker, de boter, de kaneel en het gistmengsel erbij. Je zal zien dat je gist zich niet verveeld heeft intussen en dat het al wat opgeborreld en dikker is.

  • Kneed alles goed door elkaar tot je een soepel deeg hebt waar je een mooie bal van kan vormen.

  • Leg je deegbal in een grote met bloem bestoven kom, dek af met een handdoek en laat een uur rusten.

  • Als het uur bijna voorbij is verwarm je de oven voor op 200 graden en bekleed je twee bakplaten met bakpapier. Haal dan de handdoek van je kom met deeg en aanschouw het rijswonder dat zich voltrokken heeft.

  • Kneed het deeg even opnieuw door en rol het uit tot een lap van een goeie centimeter dik. Snij er vormpjes uit en leg ze op de met bakpapier beklede platen. Op onderstaande foto zie je duidelijk dat ik het al snel opgaf om een degelijke man op een paard te vormen en uitkwam bij een kruising tussen een zeehond met een poot te veel, een gehandicapt rendier en een funky octopus.



  • Zorg dat alle vormpjes genoeg lebensraum hebben, want in de oven gaan ze weer flink rijzen! Als al je vormpjes klaar zijn bedek je de bakplaten met een handdoek en laat je alles nog tien minuutjes rusten.

  • Kluts het extra ei met de extra eetlepel suiker, grijp een penseel (of gebruik gewoon je vingers) en smeer een beetje van het mengsel op je deeg.

  • Steek de bakplaten in de voorverwarmde oven en laat tien minuten à een kwartier bakken. Niet langer, anders worden ze hard. Pas wel op, ik had twee gevulde bakplaten en zag na een kleine tien minuten dat de koeken op de onderste plaat niet bruin werden. Ik heb de platen dan even omgewisseld. Ik denk dat het komt omdat mijn oven geen heteluchtcirculatie heeft. Hou dat dus even in de gaten.

  • Gooi terwijl de koeken in de oven zitten melk en zwarte chocolade in een steelpan en maak chocolademelk.

  • Laat de koeken heel even afkoelen en serveer dan met goeie boter (GEEN MARGARINE) en de chocolademelk. Pro tip: doop een beboterd stukje mantepeird in je warme chocolademelk, niks beters dan dat.

Belangrijk: de overschot kan je niet zomaar bewaren tot de volgende dag, want tegen dan zijn je mantepeirden loodzwaar en droog geworden. Steek de overschot in de diepvries en als je weer wat 11 novembernostalgie voelt opborrelen, laat de koeken dan even ontdooien op kamertemperatuur en steek ze dan weer een paar minuutjes in de oven.

141 keer bekeken